Nieuwjaar

Zaterdagavond 15 september begon het nieuwe jaar: 5773. Hier niet ingeluid met vuurwerk en oliebollen, maar met appel gedoopt in honing en met het blazen op de sjofar, de ramshoorn.

Appel met honing blijkt erg lekker te zijn! Het eten daarvan hoort bij dat je elkaar ‘een goed en zoet jaar’ wenst.

De sjofar wordt in de synagoge geblazen. Nieuwjaar, Rosj hasjana, wordt twee dagen lang als een sjabbat gevierd, met op beide dagen een dienst die ettelijke uren duurt. In die dienst klinken de tonen van de sjofar, op een paar vaste momenten met series volgens een voorgeschreven patroon. (Als je de ver­­schil­lende tonen wilt horen kan dat op www.kerkenisrael.nl)

Het gaat om een roep tot inkeer. Op Rosh hasjana wordt gedacht aan het oordeel: op deze dag zou de wereld geschapen zijn en zal die uiteindelijk ook worden geoordeeld. Op deze dag denken de Joden aan hoe ook nu God oordeelt. De boeken liggen nu open en het gaat erom hoe het nieuwe jaar zal zijn; dat wordt nu bepaald – tot aan Grote Verzoendag, Jom Kipoer, 10 dagen na Rosj hasjana. Dan worden de boeken weer gesloten en wordt je lot bezegeld. Deze 10 dagen heten ‘de geduchte dagen’. Men bereidt zich voor op Grote Verzoendag, met zelfonderzoek, verootmoediging en met dat men onderling wil goedmaken wat misgegaan en verkeerd gedaan is.