Simchat Tora in de synagoge

Vanmorgen was ik in een synagoge om daar Simchat Tora mee te maken. Het was in een conservative synagoge, waar mannen en vrouwen bij elkaar zitten en op gelijke manier kunnen meedoen aan de dingen die gebeuren. De dienst duurt vele uren. Daarin gebeurt heel wat. De opmerkelijkste dingen zijn:

  • Het Hallel (de Psalmen 113 t/m 119). Die worden tijdens het hele Loofhuttenfeest gezongen, met nadruk op het Hosanna (eigenlijk: Hosie’a na, ‘Verlos ons toch!’)
  • Het dansen met de Tora-rollen. Er waren er zes of zeven rollen; de grote rollen die uit de Arke werden gehaald, maar er waren ook kleinere bij – wat wel fijn is voor degenen voor wie de grote rollen toch wel zwaar zijn om een tijd mee rond te lopen. Er waren zeven sessies van ongeveer een kwartier, om veel mensen de gelegenheid te geven met de rollen te dansen.
    Men draagt de rol op de rechterschouder. Aan het begin van iedere sessie klinken vaste woorden (o.a. nog een Hosanna); daarna worden allerlei liederen gezongen, waarbij ook op verschillende manieren wordt gedanst door de kring van mensen die zich vormt rond de groep met Tora-rollen in de armen. Oud en jong doen vrolijk mee. Het ‘dansen’ krijgt soms iets van een kringspel. Bij de laatste sessie gingen we in een stoet naar buiten en werd er op het plein bij de synagoge gedanst.
  • Het lezen van de laatste parasja van de Tora. De Tora is verdeeld in 54 parasjot – gedeelten om op een sjabbat te lezen; soms worden er twee parasjot op één sjabbat gelezen om in het jaar rond te komen. De laatste parasja is Deuteronomium 33-34.
    Een parasja is verdeeld in zeven gedeelten, die door – of in elk geval namens – verschillende mensen gelezen worden. Normaliter worden er zeven mensen opgeroepen, die de beracha (zegening, dankspreuk) voor én na de lezing uitspreken, en evt. zelf het gedeelte lezen, maar dat kan ook door een ander gedaan worden.
    Bij deze afsluiting van het lezen van de Tora in één jaar werd aan alle (Joodse) aanwezigen de gelegenheid gegeven om op te komen voor een lezing. Daarvoor werden de eerste vijf delen van de parasja (nl. Deut. 33:1-26) keer op keer gelezen, zelfs op twee verschillende plaatsen in de synagoge. (Er was ondertussen ook gelegenheid even wat drinken en koek te pakken.)
  • Voor het lezen van het allerlaatste gedeelte komen we weer allemaal rond de bima. Eerst werd de chatan Tora (‘bruidegom van de Tora’) opgeroepen. Het is een bijzondere eer om dat te mogen zijn. Hij komt onder een choepa, een gebedsmantel die m.b.v. aan vier stokken aan de hoeken ervan boven hem wordt uitgespreid. Na hem worden ook nog alle kinderen samen opgeroepen om onder de choepa te komen en (met enige hulp) de berachot uit te spreken.
  • Daarna wordt meteen weer begonnen met Genesis 1:1-2:3. Die lezing wordt verricht door de chatan Beresjit (‘de bruidegom van Genesis’). iedereen leest in stilte mee, maar telkens wordt de afsluiting van een scheppingsdag (‘en het was avond geweest…’) eerst gelezen door de hele gemeente.
  • Na dit alles volgt nog een ander bijzonder onderdeel van de dienst op deze dag: een uitgebreid gebed om regen. Vanaf nu zal daar ook elke dag om gebeden worden (tot aan Pesach).