Zes redenen om Hamas te haten

Ik werd geraakt door het artikel: ‘Top six reasons why I hate Hamas’, waarin Chemi Shalev kort en krachtig een aantal dingen op een rijtje zet. Het artikel verscheen in HaAretz.

Ik word al getriggerd door de kop, met ‘ik haat Hamas’. Ik ben allergisch voor ‘haat’; dat is toch uit den boze? Daar is hier al veel te veel van. De Bijbel leert me dat ik niemand mag haten. Toch?

Nu is dunkt me Shalev niet direct degene van wie je dit felle woord wel zou verwachten. Maar hij gebruikt het niet voor niets. Hier is Shalev’s top 6 (kort samengevat; ik raad u aan het hele artikel te lezen):

6. Omdat Hamas een wrede, fanatieke, fundamenta­listische terreurbeweging is, anti-democratisch, anti-westers, anti-christelijk, anti-zionistisch en anti-semitisch..

5. Omdat Hamas Palestijnen misbruikt, hen hun burger­rechten ontzegt en hen ophitst tot haat; burgers als schild gebruikt en met hun lijden zijn winst wil doen.

4. Omdat Hamas de gelegenheid verprutst heeft om de Gazastrook tot ontwikkeling te brengen. (Zie daarover ook een ander artikel in HaAretz: ‘Gaza chose terrorism over building a Palestinian Paradise’). Als Hamas de acht jaar nadat Israël de nederzettingen in de Gazastrook verliet en zich terugtrok (in 2005) had gebruikt om het leven van Palestijnen te verbeteren was dat een krachtig argument geweest voor een verdere terugtrekking van Israël en meer Palestijns zelfbestuur. Het tegendeel gebeurde: de Gazastrook werd een raketten lancerende, tunnel gravende, terroristen trainende en haat spuwende ‘garnizoensstaat’, en dan bedenk je je nog tien keer meer voor je concessies zou gaan doen.

3. Omdat Hamas vijand van vrede is. Vredes­onder­handelingen werden ondermijnd. Met zelfmoordaanslagen en raketten is er steeds weer olie op het vuur gegooid.

2. Omdat Hamas verantwoordelijk is voor het doden van honderden onschuldige Joodse burgers, het verminken van duizenden, het emotioneel kapot maken van tien­duizenden en het terroriseren van miljoenen. Het is een moordzuchtige organisatie die onschuldige mannen, vrouwen en kinderen tot doelwit maakt.

1. Omdat Hamas met z’n dogmatische alles-of-nietsisme de voorstanders van vrede verzwakt en de tegen­standers sterker maakt; omdat het de Israëli’s bitter en koud gemaakt heeft; omdat het een generatie Israëli’s trauma’s en littekens bezorgd heeft, met name bij de jongeren.
Opdat Hamas een giftig zaad gezaaid heeft dat nu de Israëlische samenleving infecteert met chauvinisme, ethnocentrisme, racisme, onverdraagzaamheid, en anti-democratische tendenzen.
‘Omdat, als dit niet stopt, het spoedig moeilijk zal zijn de twee nog uit elkaar te houden. En omdat dat Hamas zeer wel zou passen.’

Tot zover Shalev. De spits is dat hij Hamas vooral haat omdat hun haat bij velen – ook zoveel jongeren – wederhaat uitwerkt, en je voor je het weet meer op hen gaat lijken dan je lief is.

Mag je haten? Je mag – en moet – de haat haten. Het doet me denken aan Psalm 139, aan de paar verzen die we eigenlijk liever weglaten als we deze schitterende Psalm lezen: ‘O God, breng de goddelozen om! … Zou ik niet haten wie U haten, niet walgen van wie tegen U opstaan? Ik haat hen met een volkomen haat.’ Ik vind het heel sprekend dat nu juist direct daar­achter­aan komt: ‘Doorgrond mij, o God, en ken mijn hart; beproef mij en ken mijn gedachten. Zie of er bij mij een schadelijke weg is, en leid mij op de eeuwige weg.’ Al te gemakkelijk gaat het juist hierbij fout. Al te makkelijk kijken we te veel naar anderen. Al te makkelijk worden we aangestoken en meegesleurd. Al te weinig onder­kennen we wat leeft in de diepten van ons eigen hart, onze gedachten en gevoelens. Al te snel glijden onze voeten af van het pad van de vrede en komen we op ‘een schadelijke weg’. We kunnen het allemaal wel heel goed weten en willen, maar als het er echt om gaat spannen… En dat doet het wel in Israël.

In dit alles bidden we voor Israël, om bewaring voor àlle kwaad. We bidden zeker ook voor de Palestijnen die op een verschrikkelijke manier slacht­offer zijn van de Hamas*. We bidden ook voor de mensen van de Hamas. Omdat we geleerd hebben dat we onze vijanden moeten liefhebben (Matt. 5:43-48, Rom. 12:14-21). Hoezeer we hun haat haten, en wat ze doen, en alles waarvan zij in de ban zijn. Maar voor de mensen zelf bidden we, om een ommekeer. Zo kunnen we ontkomen aan de duivels­kring van de haat.


* zie artikel van Alan M. Dershowitz: ‘Hamas is the real enemy of the Palestinians’)